Eddy en Erik op Reis

Whidbey Island en Seattle

We zijn weer thuis in Rotterdam. De terugreis was vermoeiender dan we hadden gedacht. Hij duurde ook langer dan verwacht. Op weg naar Schiphol moest ons vliegtuig een noodlanding maken op IJsland, omdat een passagier een beroerte had gekregen. Er werd door het personeel eerst om een arts gevraagd en vervolgens om een verpleegkundige. Erik is nog gaan vragen of hij kon helpen, maar er was al een arts gevonden. Het oponthoud in IJsland duurde twee uur om de patiënt van boord te halen en het vliegtuig bij te tanken. We hoefden niet bij te betalen voor de tweede vlucht van de dag (grapje van de gezagvoerder) en de purser zei dat we vandaag een leven hadden gered. Laten we het hopen. We kwamen rond 11.20 aan op Schiphol. Op Schiphol was geen loopbrug beschikbaar en we moesten van een bus gebruik maken. De IC Direct van 12.10 reed niet, zodat we 40 minuten moesten wachten op de trein. Uiteindelijk zijn we toch gezond en wel thuis gekomen.

Sol Duc Falls

Het vorige bericht kwam uit Port Angeles aan de noordkant van het Olympic National Park. Daar waren we drie nachten. Nadat we eerst het gematigd regenwoud aan de westkant hadden bezocht gingen we de volgende dag naar de Sol Duc vallei en de watervallen.

Het is weer een zonnige dag en we volgen de Sol Duc rivier tot het einde van de weg. Daar is een parkeerplaats waar een aantal wandelingen beginnen. Ik volg het 0,8 mijllange pad naar de Sol Duc waterval. Het pad is niet al te lastig, maar gaat een paar keer op en neer. Het hoogteverschil is ongeveer 60 meter. De waterval is mooi en woest. Vanaf de parkeerplaats rijden we een stukje terug naar de Sol Duc Hot Springs. Dit is een thermaalbad met bronwater. Zo te ruiken is het zwavelhoudend. Je kunt hier poedelen in de jacuzzi. Dat doen we niet en we rijden naar Crescent Lake. Dat is een groot meer aan de US-101. We zijn er gisteren en vanochtend al langs gereden. Het is langgerekt en ook redelijk breed. Er wordt in gezwommen en gevist.

Crescent Lake
Veerboot naar Coupeville

De volgende dag rijden we naar Port Townsend, de havenplaats in het noordoosten van het Olympic schiereiland. Hier gaan we met de veerboot oversteken naar Whidbey eiland, dat de noordelijke rand van de Puget Sound vormt. Voordat we inschepen voor de afvaart van 12.30 uur, verkennen we het oude centrum van Port Townsend. Langs de waterkant zijn er tal van oude fabrieken en pakhuizen, die omgevormd zijn tot winkels, ateliers, hotels en restaurants. We drinken koffie aan de waterkant in de zon en lopen langs de Water Street. Om kwart voor twaalf sluiten we aan in de rij van auto’s die de veerboot op willen. We hebben gereserveerd. De overtocht duurt ongeveer een half uur. Aan de overkant rijden we naar Coupeville, de hoofdplaats van het eiland. Het is een klein dorp van 1800 inwoners, maar met mooie houten huizen en een aardige dorpskern, waar zelfs een verdwaalde elk rondloopt. We logeren in de Coupeville Inn. Een markant houten gebouw met zicht op het water.

Admiralty Head Lighthouse

Later in de middag bezoeken we het Fort Casey. Dat is eind 18e eeuw gebouwd om de ingang van de Puget Sound te beschermen tegen vijandige invasies. Aanvankelijk was de vijand Groot-Brittannië, later Japan. De stellingen verloren als snel hun militaire betekenis. Het is nu een State Park. Hier staat ook de Admiralty Head vuurtoren uit 1903. De vuurtoren is sinds 1922 niet meer in gebruik. ’s Avonds eten we bij Captain Whidbey, 7 minuten rijden ten noorden van Coupeville. Mooi gelegen aan het water van de Penn Cove. We eten er heerlijk.

Uitzicht in Langley

Het ontbijt in de Coupeville Inn is, in tegenstelling tot het hotel zelf, teleurstellend. Er is erg weinig keus. Gelukkig hebben we nog wat vleeswaren over van de Airbnb om de ochtendtrek te stillen. Na het ontbijt rijden we naar Ebey State Park aan de kust. Mooi uitzicht vanaf een heuvel is ons deel. We rijden verder naar Langley. Een ander dorp op het eiland. Mooie hoofdstraat met veel artistieke winkels, ateliers, eetgelegenheden en regenboogvlaggen. Dan gaan we verder naar de veerboot. We kunnen na een kwartier wachten al vertrekken. Het is een korte overtocht, nauwelijks 20 minuten. We komen aan in Mukilteo. Vandaar is het nog 45 minuten rijden naar onze Airbnb in Seattle. De Airbnb is, net als in Port Angeles, in een benedenetage – of kelder – van een woonhuis. Ook hier is het plafond laag en er is een akelige draagbalk die voor mij op veilige hoogte zit, maar voor Erik niet. Hij stoot al snel zijn hoofd. 

Museum of Pop Culture
Olympic Sculpture Park

Op onze eerste volledige dag in Seattle nemen de bus, lijn 3 richting downtown, want  we gaan naar het Museum of Pop Culture. Het museum is in 2000 geopend als resultaat van een initiatief van Paul Allen, met Bill Gates de mede-oprichter van Microsoft. Hij trok zich in 1982 terug uit de leiding van het bedrijf toen hij ziek werd. Het museum, een ontwerp van Frank Gehry, is een van de vele goede doelen, die hij met zijn kapitaal heeft gesteund. Hij is in 2018 overleden. Het museum is gewijd aan de populaire cultuur van de jaren ’60 en later. Veel muziek, maar ook film, fotografie, film en nog veel meer. We zien muziekinstrumenten (originelen van beroemdheden) uit de collectie van Allen zelf, interactieve opstellingen om te leren spelen, tentoonstellingen over Jimmy Hendrickx, science fiction (het uniform van Mr Spock uit Startrek), horror, rap, en nog zo wat meer. Na het museum lopen we naar de beeldentuin van het Seattle Art Museum, de Olympic Sculpture Park, aan de oever van de Puget Sound. De beeldentuin overspant een snelweg en een goederenspoor. Bekend is een beeld van Jaume Plensa. Het is een zonnige dag en inmiddels behoorlijk warm geworden, zo’n 27˚. Seattle doet zijn reputatie van regen en druilerig weer gelukkig geen eer aan.

Central Public Library

Daarna nemen we een Uber naar de centrale bibliotheek van Seattle. Deze is ontworpen door Rotterdammer Rem Koolhaas en zijn bureau OMA. Het werd in 2004 opgeleverd. Het is een indrukwekkend gebouw van 10 etages. De gevel is transparant met kleine raampjes in het midden een atrium over de volle hoogte van het gebouw. Boven in een uitkijk platform.

Ook de tweede dag in Seattle gaat een heel warm en zonnig worden. We nemen de bus naar Pike Place Public Market. Daar is het een drukte van belang met vooral toeristen, die afkomen op deze overdekte boeren- en versmarkt. Er is vooral voedsel, bloemen en andere eetbare waren te koop, maar ook veel handnijverheid. Op de begane grond zijn vooral marktkramen, maar op de beneden etage ook winkeltjes met de meest vreemde specialismen zoals miniatuurauto’s, filmposters, oude platen, postzegels en munten. De markt is ook uitgebreid naar de overkant van de straat, waar meer restaurants zitten die gespecialiseerd zijn in één product, zoals kaas, ginger beer, chowder en nog zo wat. Sommige zijn (zoals de Pike Place Chowder) duidelijk op TikTok gehyped, wat te zien is aan de enorme wachtrijen. Na een tijdje worden we moe van het slenteren en de vele mensen en gaan we lunchen bij een Grieks visrestaurant met uitzicht op de Puget Sound. Niet heel bijzonder, maar je betaalt ook voor het uitzicht. Volgens mij zaten we hier in 2000 ook al.

Urban Troll in Fremont

In de namiddag gaan we met de auto naar Fremont, een wijk ten noorden van Lake Union. Hier is op initiatief van de buurt een aantal bijzondere kunstwerken op straat gezet. Onder het viaduct van de Aurora bridge zit de Urban Troll. Iets verderop aan Fremont Place staat een beeld van Lenin. Twee blokken aan Easton Ave verder is de Fremont Rocket geland. Tenslotte zien we de een beeldengroep van wachtende busreizigers die op een denkbeeldige bus staan te wachten.

Na deze publiekskunst rijden we naar Gas Works Park. Dit kleine park ligt aan de noordoever van Lake Union. Aan de rand van het park staan de resten van de enig overgebleven gasfabriek van de VS. De fabriek werkte van 1906 tot 1956. Het park werd in 1975 geopend. Het is het decor voor diverse festivals en evementen zoals concerten, vuurwerk en fietstochten. Vanaf de kunstmatige heuvel heb je een prachtig uitzicht op downtown Seattle en Lake Union. Op het meer wordt gevaren, geroeid, gekanood, gezeild, gesurfd en gesupt. Hierna rijden we verder naar Kerry Park. Een miniscuul parkje met het mooiste uitzicht op downtown vanaf Uptown.

We wurmen ons met de auto door de avondspits terug naar het appartement om daarna met de bus weer naar downtown te gaan om te eten bij Wild Ginger, een fusion restaurant met gerechten uit diverse landen rond de stille oceaan.

De volgende dag vrijdag 9 juni breekt onze laatste ochtend in de VS aan en maken we ons op voor vertrek. Einde van een mooie tocht.

Een gedachte aan “Whidbey Island en Seattle

  1. Thea

    Prachtige reis gemaakt, we hebben mee mogen reizen en genieten. Wat hebben jullie veel gezien! Dank je wel Eddy voor de mooie en uitgebreide verslagen. Met een groet, Arie en Thea

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *