Vandaag zijn we in onze laatste halteplaats aangekomen: Bilbao, de hoofdstad van de provincie
Biskaia en de grootste stad van de autonome regio Baskenland. We zitten in het oude centrum en hebben al vanaf de Artxanda-berg een mooi uitzicht op de stad gehad en het opvallende Guggenheim museum. Het museum zelf gaan we morgen bezoeken. Met de bouw van dit opvallende museum gebouw, een ontwerp van de Amerikaanse architect Frank Gehry, werd door de stad een wederopstanding van de stad ingeluid. Van een industriestad in verval, naar een cultureel centrum op Europese schaal. Het gebied waar het museum staat was verwaarloosd met gesloten scheepswerven. Met de bouw van het museum werd een beweging ingezet van renovatie en investeren in cultuur, die de stad en de regio veel goed heeft gedaan.
Sinds ons laatste verslag zijn we van Lerma naar Logroño gereden in de Rioja regio. Rioja is
natuurlijk bekend vanwege de goede wijnen, die er vandaan komen. Als we in Logroño aankomen vallen we met onze “neus in de boter”, want het San Mateo feest is net begonnen. Ruim een week staat de stad op z’n kop met vele feesten, optredens, optochten en veel meer om het begin van het wijnoogstseizoen te vieren. De echte oogst laat nog wel een paar weken op zich wachten, maar dat mag de feestvreugde niet bederven. Op elk plein is een groot podium, waarop allerlei muziekstijlen worden gebracht: van folklore tot hiphop en dat tot middernacht. Een beetje overweldigend is het wel. We bezoeken in Logroño nog wel
de ConCatedral de Santa Maria Redondo. Er is juist een drukbezochte mis gaande. Het feestgedruis buiten overstemt soms de preek en het gezang. Verder bekijken we nog de restanten van de stadsmuur en een artillerietoren. De volgende dag rijden we naar Haro. Het centrum van de wijnproductie van Rioja. Daar doen we mee aan de rondleiding door de wijnmakerij Muga. Muga is een familiebedrijf en werkt op traditionele wijze. Ze maken hun eigen
eikenhouten vaten, van eikenhout dat ze zelf in Frankrijk selecteren. Ook de grote vaten maken ze zelf. We ontmoeten zelfs de meesterkuiper Jesús, die al 40 jaar de vaten maakt. Zijn zoon wordt nu opgeleid om hem op te volgen. Naast de Crianza (die ze 3 jaar laten rijpen in plaats van 2 jaar) maken ze ook Reserva en Gran Reserva. Als de oogst heel mooi is maken ze ook twee topwijnen. De laatste keer was van de oogst van 2010. Volgend jaar komt de 2015 op de markt. De rondleiding wordt afgesloten met een proeverij van een jonge witte wijn en een crianza.
Vanuit
Logroño rijden we naar San Sebastian in het Baskenland. San Sebastian is een havenplaatsje, maar vooral een badplaats. Al meer dan 150 jaar komen hier mensen genieten van het mooie strand en de verkoeling van zee. Veel gebouwen rond het oude centrum zijn ooit gebouwd voor de elite die hier de zomer kwam doorbrengen. Het theater, het casino (nu stadhuis) en het 5 sterrenhotel. Geheel nieuw is de nieuwe Kursaal, een muziek en theatercomplex van architect Rafael Monea. Hier vindt ook het Internationale filmfestival plaats dat op vrijdag 21 september begint en waar ook grote sterren op af komen.
We
maken ’s avonds een pintxos tour met gids Iker. Iker is trots op zijn Baskische taal en cultuur en probeert ons wat Baskische woorden bij te brengen. Dat is moeilijk, want het Baskisch lijkt geheel niet op welke taal dan ook. Alleen “Agur” blijft bij ons hangen en dat betekent “tot ziens”. Iker vertelt honderduit over de geschiedenis van de stad sinds de Romeinen, via het koninkrijk Navarra, naar de Napoleontische bezetting. De Engelsen verjagen de Fransen in 1813, maar verwoesten de stad door ze in brand te steken. Op één straat na, waar ze hun soldaten wilden huisvesten. Die straat heet nu de Callle 31 agosto, naar de datum van de plundering. De rest van de oude stad is van na 1813. We bezoeken de versmarkt, die ondergronds ligt, vanwege de voedselveiligheidsvoorschriften. Iker koopt hier brood, kaas en worst (van Pata Negra varkens). We lopen met Iker de oude stad in en leggen aan in de eerste tapas bar. Hier eten we zalm en garnalen vergezeld van Txakoli, de traditionele Baskische witte wijn met een lichte sprankeling. Ze wordt ingeschonken als de Cider in Asturias. We lopen door naar de Plaza de Constitucion. Hier vonden in de belle epoque stierengevechten plaats. De ramen van de gebouwen rond het plein zijn genummerd. Dat waren
in die tijden de loges voor de rijke burgers. Het toenmalige stadhuis bood plaats aan de koninklijke loge. We bezoeken ons tweede pintxos adres en krijgen hier en portie met risotto met witte paddenstoelen en een tapas met varkenswang. Iker is lid van een kookclub voor heren. Hij is er erg trots op om lid te zijn van dit exclusieve gezelschap. Hij neemt ons mee en laat ons de ruimten zien. We mogen gaan zitten in de keuken terwijl hij de aangekochte kaas en worst met brood serveert en een Txakoli ontkurkt.
Iker’s vader is ook lid en toevallig ook aanwezig voor een vergadering waarbij een langjarig lid moet worden geroyeerd, vanwege wanbetaling. Je maakt wat mee.
De dag erop maken we gebruik van het deelfietsensysteem DBizi en fietsen naar de Monte Igeldo,
die we met een funicular op gaan. Daarboven hebben we een fenomenaal uitzicht over de stad.
In de namiddag bezoeken we de Basilica de Santa Maria. De kerk is gespaard gebleven in de verwoesting van 1813, maar werd pas in 1973 een basiliek na een pauselijk bezoek in 1966. Van binnen is de kerk wel aardig met een altaarstuk met een schilderij uit de 19e eeuw dat Sint Sebastiaan voorstelt. Achterin de kerk is nog een museum met kerkelijke kunst.
We pakken weer een Dbizzi fiets voor een tocht rond het Urgull Mendia, het rotsvormige schiereiland, waarop ooit een vesting stond. Nu torent een groot Mariabeeld over de stad.
Vanuit San Sebastian zijn we dus vandaag richting Bilbao gereden. Bij Gernika gaan we de snelweg af en rijden naar dit sta
dje met zijn bewogen verleden. In 1937 werd de stad tijdens de Spaanse burgeroorlog (1936-39) door Duitse en Italiaanse bommenwerpers verwoest als steun voor de opstand van generaal Franco tegen de republikeinse regering. Een militair doel diende het niet. Het was ook vooral een oefening voor de Duitse Luftwaffe, die onder Hitler was opgebouwd als voorbereiding voor de tweede wereldoorlog. In die zin was Gernika een repetitie voor Rotterdam. In Gernika bezoeken we het Vredesmuseum. Indrukwekkend is de huiskamer, waar ons het verhaal van alle dag wordt verteld in de dagen voor het bombardement. De dreiging was er, maar toch kwam de aanval zelf als een verassing en zeker de verwoesting die het te weeg bracht. Aan het eind van het verhaal horen we het luchtalarm, de vliegtuigen en de explosies. Dan wordt ook de verwoesting zichtbaar achter wat eerst een spiegelwand was. Verder veel aandacht voor het concept vrede en het bereiken ervan op vele plekken op de wereld, zoals in Noord-Ierland, Zuid-Afrika en Guatemala.

Vredesmuseum Gernika
Na het museum lopen we naar het parlement van Biskaia. In dit gebouw kwam de vertegenwoordiging van de dorpen van Biskaia bijeen sinds eeuwen. Eerst onder een boom, later in een parlementsgebouw. De stronk van de boom staat er nog, onder afdakje. Alles bewaakt door de Baskische politie.